KWALITEITSZORG (KZ) IN DE SCHOOL

 

1 Wat is kwaliteit?

 

Definitie (algemeen, inhoudloos): ‘Oordeel dat tot stand komt wanneer men een bepaald fenomeen aan de hand van bepaalde criteria die samenhoren vanuit een bepaalde gezichtshoek waardeert.’ (A. De Wolf & J. Saveyn (1997-1998) Kwaliteitszorg in het katholiek onderwijs. In: Tijdschrift voor Onderwijsrecht en Onderwijsbeleid, 3-4)

 

Dynamisch begrip, afhankelijk van wat van de school wordt verwacht op een zeker ogenblik.

 

Benaderingen:

-didactische en pedagogische

-sociale, sociologische (democratisering, gelijke kansen)

-management

-economische

 

KLASSIEKE OPVATTINGEN                     NIEUWE OPVATTINGEN

 

Kwaliteit is absoluut                            Kwaliteit is relatief

                                                        (dynamisch)

 

Eén kenmerk dominant                         Vele aspecten spelen mee

                                                        (integraal)

 

Bepaald door de producent                   ..door noden van de klant

                                                        (vraaggestuurd)

 

Centraal staat product                         Dienstverlening is vitaal

 

Inspectie van eindproduct                     Kwaliteit door optimalisatieproces

 

Vaste normen                                     Veranderende en stijgende

kwaliteitseisen

 

Kwaliteitsdienst beslist                        Iedereen draagt bij tot kwaliteit

                                                        (zaak van iedereen)

 

 

 

2 Wat is kwaliteitszorg?

 

Interne (zelfevaluatie) en externe kwaliteitszorg

 

Voorbeeld: secundair onderwijs (http://www.onderwijsinspectie.be/SO/serv02.htm)

 

 

School               Overheid            Andere

                                                instanties

Kwaliteit bepalen                schoolspecifieke           eindtermen                  onderzoek

                                prioriteiten                   leerplannen                 publicaties

 

 

Kwaliteit bewaken       schoolwerkplan                                                            nascholing

                                                                                                                        begeleiding

 

 

Kwaliteit vaststellen    zelfevaluatie                doorlichting                  kritische vriend

                                                                                               

 

 

Kwaliteit verbeteren    Intern: op basis van zelfevaluatie, al dan niet met ondersteu-ning en rekening houdend met de verbeterpunten aangegeven door de inspectie

 

 

Kwaliteit borgen          keuzes school              opvolging met                                     

                                                inzake systematiek      aandacht voor                                    

                                                integrale benadering   samenhang                                         

                                                cyclisch karakter          int. en ext. evaluatie

 

 

Kwaliteitszorg moet zijn:

-systematisch d.w.z. met duidelijke procedures, instrumenten en criteria evenals regelmatig doorgevoerd

-integraal d.w.z. over alle kwaliteitsaspecten en met betrokkenheid van alle geledingen binnen de school

-cyclisch: PDCA cyclus (Plan –Voer uit – Verifieer –Stel bij)

 

Schooldoorlichting (extern) = inspectie

Opgelegd

Eerder statisch

Zo objectief mogelijk

Maatschappelijke opdracht school

Verantwoordingsperspectief

Aanbevelingen

 

Schooldiagnose (intern) = zelfevaluatie door de school

Eigen keuze school

Dynamisch proces (continu)

Beleving door de teamleden van belang

Opvoedingsproject van de school

Ontwikkelingsperspectief

Diagnose sterkte/zwakte: 1° huidig functioneren, 2° sterkte/zwakte analyse; 3° reflectie hierop, 4° verbeterpunten PROCESASPECTEN

 

Voorwaarden voor zelfevaluatie:

-2/3 van leerkrachten staan erachter

-er is openheid

-men voelt zich niet geviseerd

-algemeen model wordt aangepast aan concrete school

-aangepaste schoolcultuur

 

3 Waarom kwaliteitszorg?

 

Responsabilisering van scholen t.o.v. besteding gemeenschapsgeld

Pedagogische verantwoording

Meer autonomie aan de scholen, zichzelf evalueren...

 

4 Wat kan worden geëvalueerd?

 

Klaspraktijk

Leeringgegevens: resultaten, slaagcijfers, eindtermen

Pedagogisch project

Leerlingbegeleiding

Dienstverlening: promotie, ondersteunende diensten..

Personeelsbeleid

Financieel beleid

Management

Innovatie

 

ZEVEN LAGEN (macro, meso, micro)

1 onderwijsbeleid (Minister, Europees...)

2 onderwijsadministratie, koepelorganisaties, professionele groeperingen

3 onderwijsinstellingen

4 onderwijsprogramma

5 docenten en andere personeelsleden

6 vak, les, stage

7 student en zijn leerproces

5 Instrumenten bij de evaluatie

 

Vragenlijst

Vergadering

Gesprek

Documenten

Observatie

Rapporten

Schoolwerkplannen

 

6 Kwaliteitszorg in het secundair onderwijs (Verhoeven, 2001)

 

Decreet van 17 juli 1991: Kwaliteitsdriehoek: inspectie, ontwikkeling (DVO) en begeleiding (pedagogische begeleiding)

 

1. Dienst voor Onderwijsontwikkeling (DVO: http://www.ond.vlaanderen.be/dvo/)

 

Wetenschappelijk gefundeerd advies aan Vlaamse regering en Minister van onderwijs, bijvoorbeeld:

2 Inspectie

 

Inspectie heeft analysefunctie: vervult school haar maatschappelijke opdracht en worden gemeenschapsgelden goed besteed?

Nieuwe inspectiemethodiek:

Schooldoorlichting moet plaats vinden in vertrouwelijke sfeer

Inspectie kreeg andere rol: kwaliteit onderwijs ondersteunen en minder bezig zijn met sanctioneren; meer instrumenten leveren (nascholing, pedagogische begeleiding, DVO) zodat scholen meer zelf initiatieven nemen om kwaliteit te bevorderen

 

A) Schooldoorlichting

Onderwijsinspectie controleert: leerplannen/ eindtermen/ schooltijd/ taalwetgeving/ schooluitrusting /en geeft advies over financiering en beleid

 

Fasen schooldoorlichting:

1 Verzameling van gegevens door inspecteur -> verslag

2 Bezoek van inspecteur aan school om verslag aan realiteit te toetsen

3 Kwaliteitscontrole van een week door inspectieteam: klasbezoek, gesprekken, consultatie van documenten

4 Bespreking door inspectieteam van alle belangrijke gegevens en eindrapport

5 Bespreking eindrapport met de betrokken school + eindoordeel

Conclusie: gunstig of ongunstig of beperkt gunstig (voorwaarden waaraan binnen de 60 dagen moet worden voldaan)

 

CIPO (Context-Input-Proces-Output)-model is analysekader om verbanden te leggen en te beschrijven gehanteerd door inspectie in basis- en secundair onderwijs (opgesteld door DVO)

Context: de belangrijkste demografische, sociale en materiële gegevens van een school, maar ook de pedagogische omkadering en didactische uitrusting.

Input: instroom van leerlingen, professionaliteit van de leerkrachten, de leiding van de school

Proces: wat gebeurt er in de school en de klas?

Output: resultaten bij de kinderen?

Kenmerken van functioneren school nagegaan door inspectie (proces):

Werken vanuit een gezamenlijke doelgerichtheid

Beschikken over een intern leiderschap om een eigen beleid uit te stippelen

Met elkaar communiceren en overleggen

Mogelijkheden creëren voor professionele ontwikkeling

 

Inspectie heeft geen bevoegdheid voor filosofische en godsdienstige vakken.

 

B) Inspectie doet ook thematische evaluaties (bv. leerplicht, zorgverbreding)

Evaluaties gebeuren in kader doorlichtingen.

 

Welke bevindingen door inspectie in ‘Onderwijsspiegel’? (http://www.onderwijsinspectie.be/Onderwijsspiegel/Onderwijsspiegel2003-2004.PDF; zie ook in Klasse)

Bijvoorbeeld:

-         Dynamische scholen met vernieuwende kracht hebben schoolwerkplan.

-         Meer en meer aandacht voor leerlingbegeleiding maar onvoldoende voor remediëren van tekorten.

-         Te veel kennis en te weinig vaardigheden en attitudes geëvalueerd.

-         Te veel nascholing gevolgd door dezelfde leerkrachten. Scholen wachten te veel op aanbod van nascholing, te weinig vraaggestuurd.

-         Professionaliteit en mankracht ontbreken bij psychosociale begeleiding van leerlingen.

-         Het keuzeproces voor hogere studies verloopt steeds beter door samenwerking (VDAB, kennismaking beroep, beurzen..).

 

Hoe staan scholen t.o.v. inspectie, externe doorlichting?

Veel administratief werk

Met neus op feiten gedrukt

Waarheidsgetrouw beeld van de school

Nieuw: adviserend i.p.v. aanvallend

Geen rekening met referentiekader school

Soms nogal administratief accent

Contact en gesprekken na observatie gewaardeerd

Soms effect niet duidelijk of slechts van korte duur

 

Verslagen van de doorlichtingen zijn openbare documenten die vrij toegankelijk zijn.

 

3 Pedagogische begeleidingsdiensten (netgebonden)

 

Externe ondersteuning bijv. bij opstellen schoolwerkplan

Ontwikkelen initiatieven ter bevordering onderwijskwaliteit

Stimuleren van initiatieven ter versterking van de beroepsbekwaamheid van de personeelsleden van de betrokken instellingen

Jaarlijks begeleidingsplan

Jaarverslag

 

‘In vele instellingen is men inmiddels overtuigd geraakt van de noodzaak aan zelfevaluatie en interne kwaliteitszorg. Het ontbreekt evenwel nog aan deskundigheid, aan goede hulpmiddelen en aan begeleiding daarvoor.’(Verhoeven, p. 79)

 

Prof. P. Van Petegem (Universiteit Antwerpen) begeleidt basisscholen en secundaire scholen sinds 1999 in het Izes-project (Instrument voor Zelfevaluatie van Scholen).

 

7 Kwaliteitszorg via zelfevaluatie verst gevorderd in hoger onderwijs (inspiratie bedrijfswereld).

 

Decreten van 12 juni 1991 en 13 juli 1994 regelen evaluatie onderwijs aan hogescholen en universiteiten.

 

Verschilt van systeem KZ controle in kleuter, lager en secundair onderwijs.

 

1. Interne kwaliteitsbewaking

Hogescholen moeten permanent de kwaliteit van onderwijs en onderzoek evalueren. Jaarlijks rapport van de hogeschool. Naast studenten ook afgestudeerden en mensen uit het beroepsveld bij de evaluatie betrokken.

 

EFQM: (European Foundation for Quality Management) - model: zeer gekend kwaliteitsmodel aan de basis van PROZA

 

PROZA: (Projectgroep Ontwikkeling Zelfanalyse): instrument voor (en door hogescholen zelf ontwikkeld) om zichzelf te evalueren en hun onderwijskwaliteit te verbeteren

 

Evaluatie gebeurt vanuit de vragenlijsten via individuele evaluatie, groepsbesprekingen, actieplannen..

 

2. Externe kwaliteitszorg (decreet van 18 mei 1999)

Visitatiecommissie visiteert hogeschool.

Resultaten visitatie in publiek rapport.

Hogeschool moet acties ondernemen om situatie te verbeteren.

Indien kwaliteit echt onvoldoende wordt geacht kan Vlaamse regering besluiten tot niet financierbaarheid van de studenten of niet mogen verlenen van een graad door de hogeschool.

 

Reacties van professoren in het hoger onderwijs op evaluatie van kwaliteit (Studiedag van 4 februari 2003 aan K.U.Leuven, Tussen frustratie en fascinatie: dynamiek in het hoger onderwijs):

-omwille van externe erkenning

-taak van beleid

-extra werk, opgelegd iets

-inmenging door beleid

-papierwerk, bureaucratie

-om bij de groep te horen

 

Enkele tips voor KZ i.v.m. hoger onderwijs:

-KZ meer richten op verbetering en minder op afleggen van verantwoording.

-Evaluatiesysteem aanpassen aan context en omstandigheden. -rekening houden met verwachtingen en waarden van de mensen op de werkvloer.

-Innovaties en ‘good practices’ nastreven, evalueren en verspreiden.

-Link en communicatie tussen centraal en lokaal beleid.

-Voorbeeld nemen aan wat ‘elders’ werkt.

-Wederzijdse verantwoording en psychologisch contract: gedeelde verantwoordelijkheid.

-Zorgen dat KZ initiatieven bijdragen tot verbetering.

 

ISO (International Standardization Organization) certificaat

Heeft tot doel internationaal geldende standaarden vast te leggen. Een organisatie die deze standaarden behaalt krijgt dit ISO certificaat. Deze standaarden worden vooral ontwikkeld door het bedrijfsleven. Ze worden ook steeds meer gepromoot door de social-profit sector.

Gevaren: enkel papiertje telt; structurele zit erin, culturele niet;

bureaucratie in functie van certificaat kan belemmerend werken;

kwaliteit in de toekomst, eens ‘papiertje’ binnen?

 

8 Nadenken over:

 

- Kwaliteit heeft alles met communicatie te maken?

 

- Kwaliteit van dienstverlening wordt afgemeten aan volgende factoren:…

 

- Kwaliteit van informatie wordt afgemeten aan volgende factoren:…

 

- Kwaliteit van het schoolleiderschap (directeur) wordt afgemeten aan volgende factoren:…

 

- Er is een verband tussen kwaliteit en (Leg uit):

onderwijsplanning – cultuur van de school - functieomschrijving personeel – klantgerichtheid – onderwijsvernieuwing - personeelstevredenheid - bureaucratie

 

- Kwaliteitszorg wordt in de praktijk verhinderd door volgende factoren:….

9 Opdracht

 

Ga naar: http://www.onderwijsinspectie.be/SO/serv02.htm

1)    Daar kom je bij het CIPO model (1 bladzijde). Print dit uit.

2)    Ga naar PROCES (links in menu klikken). Je kan het Word-document downloaden en uitprinten (29 blz.):

(1) Algemeen beleid: visie op pedagogisch project, onderwijskwaliteit, het onderwijsaanbod..

(2) Onderwijskundig beleid: schoolcurriculum, leerlingbegeleiding, leerlingevaluatie..

(3) Personeelsbeleid: personeelsbeheer en competentiemanagement..

(4) Logistiek beleid: financieel beleid, materieel beleid, veiligheid en welzijn..

(5) Kernproces: interactie leerkracht en leerlingen..

 

10 Enkele referenties

 

Verhoeven, J. (2001) Onderwijsontwikkelingen, Brussel: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Onderwijs.

 

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (2004) Onderwijsspiegel. Verslag over de toestand van het onderwijs schooljaar 2002-2003. Brussel: Ministerie van de Vlaamse gemeenschap, onderwijsinspectie.

 

Van Petegem, P. & Brandt, W. (2000) IZES: Het instrument voor de zelfevaluatie van scholen. Leuven: Acco.

Met IZES - I(nstrument) ZEl(fevaluatie) S(cholen) - bestaande uit een handleiding en een diskette, wordt het voor directie en leerkracht mogelijk om op een eenvoudige maar zeer effectieve wijze de zelfevaluatie uit te voeren.

 

Van Petegem (1998) Vormgeven aan schoolbeleid. Leuven: Acco.

De auteur biedt een wetenschappelijk onderbouwd en op onderzoek gesteund kader, waarbinnen uitspraken over de kwaliteit van onderwijs kunnen gebeuren. Hij gaat na of de resultaten van bet effectieve-scholenonderzoek kunnen dienen als reflectiebasis voor de zeif evaluatie van scholen en of ze elementen aanreiken, die leiden tot een effectief beleidsplan.

 

http://www.edubron.be

De onderzoeksgroep EduBROn werd in 2000 opgericht door Prof. dr. Peter Van Petegem en opereert vanuit het Departement Didactiek en Kritiek van de Universiteit Antwerpen. EduBROn steunt op drie pijlers: Begeleiding, Research en Onderwijs.

 

http://www.onderwijsinspectie.be/SO/indexso.htm

Op deze site van de inspectie SO kan je een ‘Draaiboek van een schooldoorlichting’ vinden.

 

Tekst samengesteld door Annemie Borremans